Is jouw tijd geld?

In mijn vorige blog schreef ik over conflict denken. In deze blog wil ik daar dieper op ingaan aan de hand van een presentatie van David Grady.

David heeft het over ‘Mindless Accept Syndrome’ of MAS. Je kent het wel, die vage collega, klasgenoot of medevrijwilliger stuurt je een uitnodiging voor een vergadering. Er is geen agenda, het is onduidelijk waar het over gaat en tot overmaat van ramp is het ook nog ‘die ene van de eindeloze vergaderingen’.

De oplossing die David aandraagt is het gebruik van de ‘misschien’ knop. Niet direct delen, niet meteen meedoen aan de hype. Hoe vaak kom je niet een hoax tegen op het internet? van de overduidelijk grap tot een uitspraak die toegekend wordt aan de verkeerde persoon. De onderstaande uitspraak is nooit door Einstein gedaan, niet in een gepubliceerde bron in elk geval. Toch zie ik de quote regelmatig langs komen.

Einstein over bijen

Einstein over bijen

Toch nemen we uitspraken als deze vaak voor waar en delen we ze via sociale media. Dit doen we zonder enig onderzoek te doen naar de oorsprong of de bron. Dit is, net als het accepteren van die vergadering, een vorm van hersenloos accepteren. We zien iets dat er geloofwaardig uit ziet en nemen het voor waar aan.

Nu hoor ik je zeggen: “Daar heb ik toch helemaal geen tijd voor?” Dat is precies het doel van deze blog. Tijd. We willen allemaal aandacht krijgen van anderen, ik net zo goed als jij. Likes op facebook, de opmerking: ‘fijn dat je er bent’. Maar wat schiet je er nu daadwerkelijk mee op? Door het gebruiken van die misschien knop, verduidelijking te vragen en nee te zeggen als je de meerwaarde niet ziet houdt je tijd over. Tijd is immers kostbaar. Daar mag je dus ook als zodanig mee omgaan.

Als jij je tijd als kostbaar behandeld en je elke afvraagt of een vergadering, bijeenkomst of wat dan ook, je tijd waard is zul jij ook waardevoller worden voor anderen. Die collega, klasgenoot of medevrijwilliger die je vraagt om een agenda is deze misschien vergeten toe te voegen. Als de agenda onduidelijk is zorgen je vragen voor scherpere agenda punten. Elke vraag die je stelt verhoogt dus de kwaliteit van het werk van de ander.

De kans bestaat dat de mensen in je omgeving je gaan zien als ‘die lastige met al die vragen’ dus misschien is het verstandig om een deel van de tijd die je overhoud te besteden aan het verbeteren van je tact.

Winston Churchill over tact

Winston Churchill over tact

Deze uitspraak wordt trouwens toegeschreven aan Caskie Stinnett, niet aan Churchill.

De advocaat van de duivel

De advocaat van de duivel

Van de week kwam ik een filmpje tegen genaamd dare to disagree van Margaret Heffernan.

Na het kijken van dit filmpje voelde ik me opgelucht. Opgelucht omdat Margaret Heffernan iets aanhaalt waar ik al jaren tegen aan loop. Het is niet erg om het oneens te zijn met de mensen om je heen. Als je het er maar over kunt hebben met elkaar.

Volgens Heffernan heeft 85% van de CEO’s in grotere bedrijven meer dan eens een belangrijk punt niet onder de aandacht gebracht uit angst voor conflict of om een flater te slaan. Ook in Nederland komt dit regelmatig voor. In de periode dat ik voor de NCD werkte ben ik aanwezig geweest bij een workshop voor directeuren waarin onder andere intuïtie aan bod kwam. Het gevoel dat je de verkeerde keuze maakt zonder dat er een direct aanwijsbare reden voor is. Alle aanwezige directeuren gaven aan dat gevoel kennen en later bleek dat het gevoel klopte. De Business School van de universiteit van Leeds heeft hier onlangs een interessant artikel over geschreven.

Dus we hebben allemaal wel informatie die conflicteert met de algemene consensus, feiten of een gevoel, maar we handelen er niet naar om conflict te voorkomen.Toen ik dit las en zag herkende ik het ook bij mezelf. Ik heb op mijn werk ook regelmatig dat gevoel niet geuit of feiten aan de kant gelegd. Volgens de vele onderzoeken naar conflict vermijding is  de voornaamste reden dat we aardig gevonden willen worden. Hier herkende ik mezelf niet in. De mensen die ik aardig vind, en waarvan ik het idee heb dat ze mij aardig vinden, zijn de mensen waar ik de heftigste discussies mee heb. Het zijn wel discussies die altijd inhoudelijk blijven, waarin we elkaar in de waarde laten en waarbij het dus veilig voelt om de discussie aan te gaan.

Als ik kijk naar de momenten dat ik dat gevoel niet uitte of de feiten niet allemaal op tafel gelegd heb was dit vaak uit angst voor de gevolgen, niet om niet aardig gevonden te worden. Bijvoorbeeld die leidinggevende die alleen zijn of haar stokpaardjes wil voeren. Die dan weer boos wordt als je het ongelijk van het stokpaardje laat zien. Gevolg: de volgende opdracht gaat naar een collega die de stokpaardjes wel voert en mijn contract wordt niet verlengt. Hoe correct je gegevens ook zijn, feiten of gevoelens, het resultaat is negatief.

In mijn jaar bij de NCD heb ik juist een hele andere werkomgeving meegemaakt. Ieder teamlid legde daar argumenten voor en tegen projecten, oplossingen en veranderingen op tafel. Alle argumenten werden gehoord, afgewogen en weerlegd. Ook tijdens de projecten was er de mogelijkheid om bij te sturen. Deze werkhouding maakte dat er altijd beweging in het werk zat. Iets dat ik bij voorgaande werkgevers en stageplekken vaak miste.

Als ik nu terug kijk heb ik daar ook het nut van de advocaat van de duivel geleerd. Die ene collega die het altijd weer presteerde om mijn roze bril af te slaan en me met de neus op de feiten te drukken, waardoor mijn werk weer beter werdt. Dit ging bij de NCD heel natuurlijk. Er was altijd wel iemand die de rol van de advocaat van de duivel op zich nam.

Nu hoor ik je denken: ja, in dat ene team bij die ene hele speciale werkgever ging het natuurlijk goed. Maar dat gaat bij ons nooit werken. Het feit dat je dat denkt betekent juist dat je iemand nodig hebt die je kan helpen om je werkzaamheden te verbeteren. Een advocaat van de duivel is er namelijk niet om je tegen te werken, maar om er voor te zorgen dat je product beter wordt. In de IT bestaat de advocaat van de duivel al jaren en noemen we hem of haar de test manager. Waarom passen we dit concept dan niet toe op alle andere werkzaamheden?